SDE+ 2019 voorjaars en najaarsronde

24 mei 2019

SDE+ 2019 voorjaars en najaarsronde

SDE+ 2019 voorjaars en najaarsronde

Het budget voor de regeling Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE+) voorjaarsronde 2019 was € 5 miljard.

De SDE+ is een exploitatiesubsidie, waarbij het verschil tussen de kostprijs van grijze (fossiele) energie en die van duurzame energie wordt vergoed over een periode tot 15 jaar. De hoeveelheid subsidie is afhankelijk van de soort en de hoeveelheid geproduceerde duurzame energie. De invulling van de SDE+ in 2019 is op vrijdag 21 december 2018 aangekondigd in een brief aan de Tweede Kamer.

De SDE+ maakt de uitrol van hernieuwbare energie versneld mogelijk. Net als in voorgaande jaren staat de SDE+ in 2019 open voor projecten die energie opwekken uit hernieuwbare bronnen zoals Biomassa, Geothermie Water, Wind (land, meer en waterkering) en Zon.

SDE+ voorjaarsronde 2019

De eerste ronde was van 12 maart tot en met 4 april 2019. Per ronde is er sprake van één integraal budgetplafond voor alle technologieën, waarbinnen de technologieën op basis van de kostprijs concurreren om beschikbare middelen. De voorjaarsronde had wederom drie fases.

Fase 1   12 maart, 09.00 uur

Fase 2   18 maart, 17.00 uur

Fase 3   25 maart, 17.00 uur tot 4 april, 17.00 uur

Vrije categorie

Tijdens de SDE+ openstelling hadden aanvragers ook de mogelijkheid om subsidie aan te vragen in de zogenaamde vrije categorie. Ondernemers worden zo geprikkeld om projecten voor een lager bedrag dan het maximum basisbedrag van de betreffende categorie in te dienen en daarmee meer kans te maken op subsidie. Zo kunnen initiatiefnemers de subsidieaanvraag nog meer toespitsen op hun business case.

Verbreding SDE+

Dit is het laatste jaar waarin de SDE+ in de huidige vorm bestaat. Vanaf 2020 wordt de SDE+ verbreed, onder de noemer stimuleringsregeling duurzame energietransitie (SDE++). De regeling beperkt zich niet meer tot duurzame energieproductie maar gaat zich richten op CO2-reductie. Met de SDE+(+) wil het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) de productie van duurzame energie stimuleren.

Bron; RVO.nl

SDE+ najaarsronde 2019

In het najaar verwachten we een tweede openstellingsronde. Minister Wiebes is vooralsnog van plan om eenzelfde budget van € 5 miljard beschikbaar te stellen. Vóór 1 juli 2019 neemt hij hierover een definitief besluit.

Mocht u geïnteresseerd zijn en overwegen om met SDE+ subsidie nog meer duurzaam opgewekte energie te produceren, neem dan gerust contact met ons. Gezien de opstapel staande veranderingen en het verdwijnen van de regeling zoals we die nu kennen verwachten wij een grote toestroom van aanvragen.

Problematiek (teruglevering) capaciteit elektriciteitsnet

Uit de update die door Enexis en TenneT nu verschaft is, blijkt dat er in de volgende plaatsen nog maar beperkt beschikbaar transportcapaciteit beschikbaar is: Vierverlaten, Weiwerd, Kropswolde, Meeden, Veendam, Bargemeer, Emmen, Zeijeveen, Dedemsvaart, Vroomshoop, Veenoord, Klazienaveen, Hardenberg, Coevorden, Steenwijk, IJsselmuiden en Ommen Dante. Dit betekent dat aanvragen voor transportcapaciteit voor teruglevering op deze plaatsen beperkt kunnen worden aangeboden.

Voor 6 netdelen –  Hoogeveen, Beilen, Stadskanaal, Musselkanaal, Gasselte en Eemshaven Oost – is dus zelfs géén transportcapaciteit voor teruglevering meer beschikbaar. Dit betekent dat er géén aanvragen voor een grootverbruikaansluiting met transportcapaciteit voor teruglevering worden gehonoreerd.

Gezien de mogelijke volumes op basis van de verkenningen zullen volgens 2 partijen ook op andere locaties in het net knelpunten ontstaan, zowel in het net van TenneT (110 kilovolt) als dat van Enexis Netbeheer (20 en 10 kilovolt). Ook hier zullen TenneT en Enexis gezamenlijk werken aan ontsluitingsmogelijkheden. Er zijn meerdere hoog- en middenspanningsstations waar op termijn aanvullend transportcapaciteit beschikbaar komt. Zo bouwen TenneT en Enexis aan aanvullende transportcapaciteit op stations Eemshaven Midden, Weiwerd en Meeden.

Bron: Solar Magazine.nl

Daniels Smart Energy houd deze ontwikkelingen nauwlettend in de gaten. Momenteel zijn wij met zowel de netbeheerder als het RVO in gesprek om te onderzoeken hoe we de problematiek kunnen ondervangen en u (gebied specifiek) kunnen adviseren. Daarbij onderzoeken wij alle mogelijkheden en kijken wij naar eventuele locatie specifieke alternatieven. Mocht u met deze problematiek geconfronteerd worden of vragen hebben neem dan gerust contact op met een van onze medewerkers (of uw vaste contactpersoon).

Salderingsregeling voor zonnepanelen verlengd tot 2023, daarna stapsgewijze afbouw tot 2031

Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat meldde de Tweede Kamer afgelopen januari nog dat de salderingsregeling gehandhaafd zou blijven tot ten minste 1 januari 2021. Op die datum zou een nieuwe regeling – de terugleversubsidie– van start moeten gaan. Afgelopen januari meldde de minister echter dat diverse partijen hem hadden gewezen op substantiële bezwaren tegen de invoering van de terugleversubsidie.

Zo noemde Eneco de terugleversubsidie een administratieve draak en trok het energiebedrijf haar steun voor de terugleversubsidie in. Met de keuze van minister Wiebes om de salderingsregeling te handhaven, is de invoering van de terugleversubsidie definitief van de baan.

Stapsgewijze afbouw salderingsregeling

De stapsgewijze afbouw van de salderingsregeling zorgt ervoor dat zonnepaneeleigenaren vanaf 2023 de opgewekte zonnestroom die wordt teruggeleverd aan het elektriciteitsnet niet meer voor 100 procent mogen verrekenen met de aangekochte elektriciteit. Waar dit nu nog wel het geval is, wordt de vergoeding voor de teruggeleverde zonnestroom vanaf 2023 opgesplitst in een vergoeding voor de elektriciteit die betaald wordt door het energiebedrijf én anderzijds een vergoeding van de overheid voor de energiebelasting. De overheid  zal vanaf 2023 een steeds kleiner deel van de energiebelasting terugbetalen aan zonnepaneeleigenaren. De afbouw van de salderingsregeling geldt dus uitsluitend voor elektriciteit die aan het elektriciteitsnet wordt teruggeleverd en dus niet op het directe eigen verbruik achter de meter.

Minister Wiebes schrijft in zijn brief aan de Tweede Kamer hierover het volgende: ‘Vanaf 1 januari 2023 wordt de salderingsregeling stapsgewijs afgebouwd, waarbij de hoogte van het fiscale voordeel geleidelijk afneemt tot nul in 2031. … De verwachte kostprijsdalingen van zonnepanelen richting 2030 maken investeren in zonnepanelen ook zonder subsidie via de salderingsregeling voldoende financieel aantrekkelijk. Op de lange termijn zullen naar huidige verwachting de inkomsten uit de vermeden inkoop van elektriciteit door het direct eigen verbruik en de terugleververgoeding van de leverancier voldoende zijn om zonnepanelen voor kleinverbruikers rendabel te laten zijn.’

Belastingdienst krijgt belangrijke verantwoordelijkheid

Uit een eerste appreciatie van de Belastingdienst blijkt volgens minister Wiebes dat de afbouw van salderen waarschijnlijk uitvoerbaar is voor de Belastingdienst, mits alle kleinverbruikers beschikken over meters met een dubbel telwerk: één voor afname van elektriciteit van het elektriciteitsnet en één voor terugleveren op het elektriciteitsnet. ‘Voor het correct doen van aangifte voor de energiebelasting door energieleveranciers is het namelijk noodzakelijk dat zowel de levering als de teruglevering afzonderlijk bekend is bij de energieleverancier. Formele uitspraken over de uitvoerbaarheid door de Belastingdienst verlopen via een uitvoeringstoets. Dit traject vindt in beginsel plaats in de fase dat de wetgeving in concept gereed is en duurt 8 weken. De energieleveranciers hebben al aangegeven de afbouw van salderen goed te kunnen uitvoeren.’

De netbeheerders hebben daarnaast volgens de minister aangegeven dat het mogelijk is om voor 1 januari 2023 iedereen te voorzien van een geschikte meter. Op dat moment kan de afbouw van de salderingsregeling starten. Om te zorgen dat iedereen vanaf 2023 daadwerkelijk een geschikte meter heeft, wordt het vanaf 1 januari 2023 verplicht een meter met minimaal 2 aparte telwerken voor levering en teruglevering te hebben. Deze verplichting zal uiterlijk 1 januari 2021 in wetgeving worden opgenomen, zodat deze meters tijdig – uiterlijk 1 januari 2023 – uitgerold kunnen zijn.

Wiebes hierover: ‘Alle kleinverbruikers die nog geen meter met minimaal 2 aparte telwerken voor levering en teruglevering hebben, krijgen deze vóór 2023 aangeboden door de netbeheerder. Door geen slimme meter te vereisen, maar mensen ook de gelegenheid te bieden om een meter die niet op afstand uitgelezen wordt te nemen, wordt tegemoet gekomen aan hen die zich zorgen maken over de privacy-aspecten van een slimme meter.’

Afbouwpad eind 2019 bekend

De komende maanden zal het kabinet de vormgeving van de salderingsregeling vanaf 2023 verder uitwerken. ‘Het exacte afbouwpad zal eind 2019 worden vastgesteld, zodat ook de laatste inzichten uit de Klimaat- en Energie Verkenning 2019 (KEV 2019) kunnen worden meegenomen’, aldus minister Wiebes. ‘Het uitgangspunt is dat het afbouwpad resulteert in hetzelfde totale budget tot en met 2030 ten opzichte van het beschikbare budget voor de oorspronkelijk beoogde subsidieregeling uit het regeerakkoord. Over de gehele periode tot en met 2030 blijft dus hetzelfde budget voor de stimulering van hernieuwbare elektriciteit bij kleinverbruikers beschikbaar. Dit is in totaal circa 2,6 miljard euro.’

Voor huishoudens die al zonnepanelen hebben of deze kabinetsperiode nog investeren in zonnepanelen, is de verwachting dat bij de geleidelijke afbouw van de salderingsregeling een gemiddelde terugverdientijd van circa 7 jaar gehandhaafd blijft. ‘Deze verwachting is gebaseerd op de huidige inzichten, onder andere ten aanzien van de ontwikkeling van de elektriciteitsprijs’, schrijft minister Wiebes in zijn Kamerbrief. ‘Voor investeringen in zonnepanelen die na deze kabinetsperiode worden gedaan, is de verwachting op basis van de huidige inzichten, dat de terugverdientijd iets kan oplopen boven de 7 jaar. Uit de evaluatie van de salderingsregeling uit 2016 is onder andere gebleken dat men bereid is te investeren in zonnepanelen als de terugverdientijd tussen circa 5 en 9 jaar is. Bovenstaande verwachting wordt geactualiseerd met de laatste inzichten uit de Klimaat- en Energie Verkenning 2019 (KEV 2019).

Bron; RVO.nl

- Nieuws

Comments are closed.