All posts in Nieuws

13 sep 2019

SDE + 2019 Najaarsronde

SDE+ 2019 (najaar) zon PV

  • De Stimulering Duurzame Energie (SDE) regeling betreft een productie subsidie. Over elke opgewekte kWh ontvang je een vaste vergoeding per kWh;
    • Het subsidiebedrag bestaat uit een vergoeding – minus de basisenergieprijs (het correctiebedrag).
  • De subsidie wordt toegekend voor een periode van 15 jaar;
  • De subsidie voor zonne-energie is maximaal 9,9 eurocent per kWh;
  • De SDE+ subsidie heeft een maximum van 950 vollasturen per jaar (vermogen * 0,95 = opbrengst)
  • De PV installatie dient uiterlijk 1,5 jaar na ontvangst beschikking te worden gerealiseerd.
  • In de SDE subsidie wordt er onderscheid gemaakt tussen de levering van de opgewekte energie aan het net (netlevering) en het eigen verbruik (niet net levering). Het verschil van 2,8 eurocent staat gelijk aan de besparing op energiebelasting en transportkosten bij de netwerkbeheerder.
  • Er zijn 3 aanvraagrondes waarin subsidie aangevraagd kan worden.
  • Fase 1: tot maximaal 9 eurocent subsidie per kWh (start op 29 oktober 09.00)
  • Fase 2: tot maximaal 9,9 eurocent subsidie per kWh (start op 4 november 17.00 uur)
  • Fase 3: tot maximaal 9,9 eurocent subsidie per kWh (start op 11 november 17.00 uur)
  • De SDE+ regeling is niet mogelijk in combinatie met EIA.
  • Bij de aanvraag van de subsidie zal u worden gevraagd om een transport indicatie van de netbeheerder (lees hier verderop meer over).

Zie tabel hieronder voor een overzicht van de subsidie en correctiebedragen.

Bron; RVO.nl

Voor hoeveel SDE+ aanvragen?  Wat is de verdiencapaciteit?

Deze vragen zijn specifiek voor uw situatie en locatie. Hierbij zijn de bepalende factoren o.a. het beschikbare dakoppervlak, mogelijkheid tot het terug leveren op het net (wel of geen schaarste gebied) en uw investeringsruimte. Het wegnemen van het eigen verbruik is daarnaast ook van invloed op de verdiencapaciteit en terugverdientijd.

Hieronder drie indicatieve voorbeeld berekeningen waarbij wij uitgaan van 100% teruglevering op het net.  

Transport indicatie van de netbeheerder

In verschillende delen van Nederland staat het elektriciteitsnet onder druk. Dit heeft consequenties voor SDE+ aanvragers. Om toekomstige problemen met transportcapaciteit beter te kunnen ondervangen heeft het RVO besloten om de regelgeving (voorwaarden voor een aanvraag) SDE+ najaar 2019 te wijzigen. Om een SDE+ najaar 2019 aanvraag voor zon PV in te dienen moet er een transportindicatie van de netbeheerder meegestuurd worden waaruit blijkt dat transportcapaciteit beschikbaar is voor de locatie waarvoor de aanvraag wordt ingediend.

De regel rondom een transportindicatie is nog niet 100% definitief. Deze maand (Sept ‘19) is er een debat in de Tweede Kamer en wordt de definitieve SDE+ 2019 najaars regeling vastgesteld. Momenteel wordt er door de netbeheerders al wel druk gewerkt aan een praktische toepassing (web portaal) om een transportindicatie te kunnen afgeven. Dit is voor ons voldoende signaal om er vanuit te gaan dat een transportindicatie met de najaars aanvraag meegestuurd dient worden. 

Aanvraag SDE+ regeling              

  • Wij verzorgen graag de aanvraag voor de SDE+ 2019 regeling voor jullie. Dat is inclusief de benodigde transport indicatie van de netbeheerder.
  • Voor het uitvoeren van deze aanvraag rekenen wij eenmalig € 500-, excl. BTW.
  • De aanvraag zal worden uitgevoerd in overleg met u in de tweede of derde fase ( 9,9 eurocent).
  • Bij het verkrijgen van een eventuele beschikking zijn er geen verdere verplichtingen aan Daniels Smart Energy.
1 aug 2019

Transportindicatie verplicht voor nieuwe projecten SDE+

Wiebes draagt 6 kortetermijnoplossingen aan voor problemen netcapaciteit, transportindicatie verplicht voor nieuwe projecten SDE+

Minister Wiebes heeft de Tweede Kamer een brief gestuurd met kortetermijnoplossingen voor de problemen met de netcapaciteit.

Vanaf de najaarsronde wordt een transportindicatie verplicht voor nieuwe SDE+-projecten.

De Tweede Kamer nam afgelopen maart in ruime meerderheid een motie aan van CDA-Kamerlid Agnes Mulder waarmee het kabinet verzocht wordt om het capaciteitstekort voor het aansluiten van zonnepanelen op te lossen. In zijn Kamerbrief gaat Wiebes nu in op de maatregelen die volgens hem een bijdrage kunnen leveren aan het vergroten van de transportcapaciteit (red. in het vandaag gepresenteerde definitieve Klimaatakkoord zijn ook 6 stappen opgenomen om de problemen met de netcapaciteit structureel op te lossen). Voor de korte termijn heeft Wiebes echt ook 6 maatregelen aangekondigd.

Wettelijk verplicht te verzwaren
Minister Wiebes is duidelijk over de aanpak van de problematiek: vanwege hun wettelijke verplichting zetten netbeheerders in op uitbreiden en verzwaren van het net, zodat zo snel mogelijk de toestand is hersteld waarbij iedereen de gewenste hoeveelheid elektriciteit kan transporteren, ongeacht of het gaat om verbruik van elektriciteit of om (duurzame) productie van elektriciteit.

Wel plaatst hij daarbij een kritische kanttekening: ‘Gezien de tijd die voor uitbreiding van het landelijk hoogspanningsnet in combinatie met de regionale netten nodig is, moet echter thans noodgedwongen worden uitgegaan van de capaciteit van het bestaande net zolang netverzwaringen niet zijn gerealiseerd. Het is daarom van groot belang dat dit net zo efficiënt en flexibel mogelijk wordt gebruikt, met behoud van leveringszekerheid. Schaarste op het elektriciteitsnet wordt niet voor alle gevallen op korte termijn opgelost en kan zelfs de komende jaren in omvang toenemen. De inzet is om dit zo kort en beperkt als mogelijk te houden, zodat marktpartijen hernieuwbare-elektriciteitsprojecten kunnen blijven realiseren.’

Hiertoe zet Wiebes in deze transitieperiode in op een reeks van 6 acties voor de korte termijn. Deze worden hieronder beschreven.

  1. Drenthe en Groningen: netverzwaring enige oplossing, 230 aanvragen zonder transportmogelijkheden.
    Het verzwaren van het net zal uiteindelijk tot een (structurele) oplossing in Drenthe en Groningen leiden. Dit is volgens Wiebes nodig omdat Enexis Netbeheer in het gebied een traditionele transportcapaciteit van 1.673 megavoltampère heeft, maar er in het voor zonne-energie meest gunstige geval uiteindelijk 10.000 megavoltampère nodig is als alle pv-projecten doorgaan. Op dit moment heeft Enexis 230 aanvragen voor aansluitingen van duurzame opwekkers gekregen in netgedeelten zonder transportmogelijkheden. Verder is Enexis een groot aantal uitbreidingsprojecten gestart, waardoor de capaciteit met 1.320 megavoltampère uitgebreid gaat worden. Dit is echter niet genoeg om aan de enorme vraag te kunnen voldoen.

Nieuwe hoogspanningsstations in het noorden van het land zijn daarom de enige oplossing en inmiddels ook in voorbereiding, maar deze zijn volgens Wiebes waarschijnlijk pas in 2028 in gebruik. ‘TenneT onderzoekt mogelijke oplossingen voor uitbreiding van de 110-kilovoltnetten in het noorden van het land. Deze investeringen kunnen binnen 3 jaar verlichting geven, maar de problematiek niet geheel oplossen. TenneT voorziet dat om een toekomstige netstructuur te maken die geschikt is om het toekomstig elektriciteitstransport te kunnen faciliteren, de komende tijd meer investeringsbeslissingen nodig zijn, ook voor andere delen van het land.’

De landelijke netbeheerder verwacht volgens Wiebes eind dit jaar nieuwe uitbreidings-investeringsbesluiten te nemen, waarmee de capaciteitsproblematiek in het noorden van Nederland uiteindelijk kan worden opgelost. De verwachting is dat in 2028 een tiental nieuwe hoogspanningsstations in Groningen/Drenthe gerealiseerd zullen zijn, met een gezamenlijke capaciteit van 3.600 megavoltampère. Als de hoogspanningslijnen verzwaard zijn, kunnen bestaande hoogspanningsstations verder uitgebreid worden, waardoor verwacht wordt dat rond 2028 aan de gevraagde capaciteit kan worden voldaan. Ten slotte start Wiebes nog een gezamenlijk onderzoek met TenneT naar de noodzaak van uitbreiding van het 380-kilovoltnet. Deze verkenning is naar verwachting eind 2019 afgerond.

  1. Congestiemanagement: productie zonneparken tijdelijk staken
    Netbeheerders dienen in de ogen van de minister op korte termijn meer gebruik te maken van de mogelijkheden die zij hebben om congestie te voorkomen en de maatregelen die zij hebben om indien er toch congestie is, deze te managen. ‘Zo kunnen zij gebruikmaken van inkoop van flexibiliteit om congestie te managen. Een eigenaar van een batterij is een voorbeeld van een aangeslotene die flexibiliteit kan leveren. Daarnaast zijn er ook andere aanbieders van flexibel verbruik of tijdelijk afregelbare productie. De regionale netbeheerders onderzoeken op dit moment de mogelijkheden die congestiemanagement biedt in gebieden met schaarste. In de regio’s met deze schaarste zijn vaak de enige partijen die de benodigde flexibiliteit kunnen leveren, de parken die zonvermogen leveren. Belangrijk is dat wordt voorkomen dat het aantrekkelijk wordt voor deze parken om ten laste van de nettarieven de productie van duurzame elektriciteit te staken. Voor de vergoeding die aangeslotenen ontvangen voor het op- of afregelen, biedt de Europese verordening 2019/943 daarom een kader dat deze vergoeding maximeert op de marginale productiekosten en eventueel misgelopen subsidie.’
  2. Aanpassing van 3 ‘wetten’
    Het huidige wettelijke kader is bij dit alles niet ontworpen voor perioden van transportschaarste zoals deze zich op dit moment voordoet en het is volgens Wiebes soms voor partijen onduidelijk hoe het wettelijk kader werkt. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) geeft daarom in een speciaal opgesteld document nadere toelichting op de rechten en verplichtingen van aangeslotenen, partijen die aangesloten willen worden en netbeheerders bij transportschaarste. Daarnaast is aanpassing van wet- en regelgeving nodig om op korte termijn de netbeheerders (al dan niet tijdelijk) meer ruimte te geven om te anticiperen op de toename aan duurzame opwek die gedurende deze transitieperiode nodig is. Hiervoor zullen de volgende aanpassingen in wet- en regelgeving worden gerealiseerd:
  1. Energiewet  | In de nieuwe Energiewet zal aan netbeheerders meer flexibiliteit worden geboden, zodat zij de toename van duurzame opwek in deze energietransitie kunnen faciliteren. Zij hebben instrumenten nodig om op opkomende congestie te reageren. Het gaat onder meer om maatregelen om zon en wind van verschillende projecten op één aansluiting/kabel aan te sluiten en het opnemen van een opknipverbod voor zonneparken. Ook zal worden opgenomen dat de netbeheerder tegen zo laag mogelijk maatschappelijke kosten een aansluiting kan realiseren. De verwachting is dat deze wet eind van dit jaar geconsulteerd kan worden. Vooruitlopend hierop worden enkele wijzigingen voor gebieden met schaarste al uitgewerkt in een algemene maatregel van bestuur onder de Crisis- en Herstelwet. Hierdoor kan het nieuwe wettelijke kader voor deze gebieden al begin volgend jaar in werking treden.
  1. Redundantie van het net  | Met de inwerkingtreding van de wet van 9 april 2018 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (hierna: wet voortgang energietransitie) is de mogelijkheid in de wet opgenomen om bij algemene maatregel van bestuur vrijstelling te geven van de eis dat het landelijke hoogspanningsnet redundant moet worden uitgevoerd. De algemene maatregel van bestuur die hiervoor nodig is, kan waarschijnlijk begin volgend jaar in werking treden.
  1. Meer experimenteerruimte  | De wet voortgang energietransitie biedt ook meer mogelijkheden om te experimenteren. Energiecoöperaties en/of verenigingen, zoals Verenigingen van Eigenaren (VvE’s), krijgen bijvoorbeeld de gelegenheid om het energiebeheer zelf te organiseren door eigen opwek en verbruik te optimaliseren. Ook biedt het besluit netbeheerders mogelijkheden om hun netten en aansluitingen beter te benutten zonder meteen te verzwaren of uit te breiden. Hiermee mogen zij tot 10.000 aansluitingen experimenteren.
  1. Aanpassing van de codes door netbeheerders
    De netbeheerders werken aan codewijzigingsvoorstellen voor congestiemanagement, aanpassingen naar aanleiding van het besluit vrijstelling redundantie-eisen en curtailment, zodat deze beter zijn toegesneden op de nu ontstane situatie van transportschaarste zolang de netverzwaringen niet zijn gerealiseerd. De verwachting is dat deze codewijzigingsvoorstellen eind dit jaar bij de ACM kunnen worden ingediend.
  2. Nieuwe SDE+-projecten moeten transportindicatie hebben, aansluit- en transportovereenkomst niet verplicht
    Minister Wiebes is voornemens om de SDE+-regelgeving voor de volgende subsidieronde in het najaar van 2019 te wijzigen. Hij meldt hierover het volgende: ‘Voor het verkrijgen van de SDE+-subsidie zal door de aanvrager van nieuwe elektriciteitsprojecten vanaf de najaarsronde 2019 een document van de netbeheerder moeten worden overgelegd waaruit blijkt dat transportcapaciteit beschikbaar is op de locatie waar de productie-installatie is voorzien. Deze transportindicatie moet ervoor zorgen dat de slagingskans van projecten met afgegeven SDE+-subsidie groter wordt. Het afgeven van een positieve indicatie door de netbeheerder kan echter niet gezien worden als een aanbod op transport conform artikel 24 van de Elektriciteitswet 1998. Daarvoor moet de aanvrager eerst formeel een aansluit- en transportovereenkomst (ATO) bij de netbeheerder aanvragen.’

Wiebes spreekt van een aanscherping van het huidige beleid waarin projectaanvragers in het aanvraagformulier kunnen aangeven dat ze contact hebben opgenomen met de regionale netbeheerder. ‘Op deze wijze worden toekomstige problemen met transportcapaciteit beter ondervangen. De ondernemer blijft zelf verantwoordelijk voor het afsluiten van het daadwerkelijke contract dat aansluiting en transport op het elektriciteitsnet mogelijk maakt. Duidelijke proactieve informatieverstrekking door de netbeheerders over de kansen en risico’s die de vestiging op een bepaalde locatie met zich meebrengt – zoals bijvoorbeeld een actuele kaart waarop de beschikbare transportcapaciteit door middel van een ‘stoplichtmodel’ inzichtelijk wordt gemaakt – kan daarbij stimuleren dat ontwikkelaars tijdig voor een locatie kiezen waar voldoende capaciteit beschikbaar is voor hun plannen zodat een transportindicatie kan worden afgegeven. De verwachting is dat hierdoor alleen meer kansrijke projecten een aanvraag zullen indienen en voorkomen wordt dat onnodig subsidiegeld wordt vastgehouden door projecten die uiteindelijk niet gerealiseerd gaan worden.’

  1. Decentrale overheden en de regionale energiestrategieën
    De regionale energiestrategieën (RES’en) die regio’s in het kader van het Klimaatakkoord opstellen, zullen volgens Wiebes helpen om dit soort situaties in de toekomst te voorkomen. ‘Provincies kunnen inmiddels ook meer hun rol pakken door bijvoorbeeld bij grote netuitbreidingen te kiezen voor provinciale coördinatie. De netbeheerders krijgen een adviserende rol bij het opstellen van de regionale energiestrategieën. Daar wordt door middel van locatiechecks ingezet op het zo slim mogelijk koppelen van decentrale productie en beschikbaarheid op het net. De RES dient vervolgens als het uitgangspunt waarop de netbeheerders hun investeringsplannen baseren.’

Minister Wiebes zal de Tweede Kamer begin 2020 informeren over de voortgang van de ingezette acties. En daarbij zal het de vraag zijn of het elektriciteitsnet op de huidige manier kan blijven functioneren. Zo besluit hij zijn Kamerbrief met een hypothese: ‘Om de faciliterende edoch essentiële rol van het elektriciteitsnet ten volle vorm te blijven geven in de toekomst moeten we ook blijven nadenken over gebruik van en kostenverdeling wat betreft het net. We moeten gaan bezien of het model dat we nu hebben in de toekomst houdbaar blijft.’

Bron: Solar Magazine

26 jun 2019

DSE Foto shoot

Voor de website hadden we nieuwe foto’s nodig, we zijn met ons team naar Groningen gereden om een groepsfoto te gaan maken. De haren netjes, onze nette jasjes aan, de auto’s door de wasstraat en……. “strike a pose” Het was superleuk om met ons team op de foto te gaan, zie hieronder de resultaten van de fotoshoot:
26 jun 2019

DSE & Abiant

Daniels Smart Energy heeft een samenwerking met Abiant Uitzendgroep.
Abiant Uitzendgroep is een van de grootste uitzendorganisaties van Noord-Nederland met elf vestigingen in Groningen, Friesland en Drenthe.

Vanwege groei binnen het bedrijf, klopte DSE bij Abiant Werving en Selectie aan. Annet Fruitema neemt voor DSE, de zoektocht naar goed personeel op zich en dit doet zij serieus, daadkrachtig en doelgericht.

Bekijk hieronder het filmpje:

24 mei 2019

SDE+ 2019 voorjaars en najaarsronde

SDE+ 2019 voorjaars en najaarsronde

Het budget voor de regeling Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE+) voorjaarsronde 2019 was € 5 miljard.

De SDE+ is een exploitatiesubsidie, waarbij het verschil tussen de kostprijs van grijze (fossiele) energie en die van duurzame energie wordt vergoed over een periode tot 15 jaar. De hoeveelheid subsidie is afhankelijk van de soort en de hoeveelheid geproduceerde duurzame energie. De invulling van de SDE+ in 2019 is op vrijdag 21 december 2018 aangekondigd in een brief aan de Tweede Kamer.

De SDE+ maakt de uitrol van hernieuwbare energie versneld mogelijk. Net als in voorgaande jaren staat de SDE+ in 2019 open voor projecten die energie opwekken uit hernieuwbare bronnen zoals Biomassa, Geothermie Water, Wind (land, meer en waterkering) en Zon.

SDE+ voorjaarsronde 2019

De eerste ronde was van 12 maart tot en met 4 april 2019. Per ronde is er sprake van één integraal budgetplafond voor alle technologieën, waarbinnen de technologieën op basis van de kostprijs concurreren om beschikbare middelen. De voorjaarsronde had wederom drie fases.

Fase 1   12 maart, 09.00 uur

Fase 2   18 maart, 17.00 uur

Fase 3   25 maart, 17.00 uur tot 4 april, 17.00 uur

Vrije categorie

Tijdens de SDE+ openstelling hadden aanvragers ook de mogelijkheid om subsidie aan te vragen in de zogenaamde vrije categorie. Ondernemers worden zo geprikkeld om projecten voor een lager bedrag dan het maximum basisbedrag van de betreffende categorie in te dienen en daarmee meer kans te maken op subsidie. Zo kunnen initiatiefnemers de subsidieaanvraag nog meer toespitsen op hun business case.

Verbreding SDE+

Dit is het laatste jaar waarin de SDE+ in de huidige vorm bestaat. Vanaf 2020 wordt de SDE+ verbreed, onder de noemer stimuleringsregeling duurzame energietransitie (SDE++). De regeling beperkt zich niet meer tot duurzame energieproductie maar gaat zich richten op CO2-reductie. Met de SDE+(+) wil het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) de productie van duurzame energie stimuleren.

Bron; RVO.nl

SDE+ najaarsronde 2019

In het najaar verwachten we een tweede openstellingsronde. Minister Wiebes is vooralsnog van plan om eenzelfde budget van € 5 miljard beschikbaar te stellen. Vóór 1 juli 2019 neemt hij hierover een definitief besluit.

Mocht u geïnteresseerd zijn en overwegen om met SDE+ subsidie nog meer duurzaam opgewekte energie te produceren, neem dan gerust contact met ons. Gezien de opstapel staande veranderingen en het verdwijnen van de regeling zoals we die nu kennen verwachten wij een grote toestroom van aanvragen.

Problematiek (teruglevering) capaciteit elektriciteitsnet

Uit de update die door Enexis en TenneT nu verschaft is, blijkt dat er in de volgende plaatsen nog maar beperkt beschikbaar transportcapaciteit beschikbaar is: Vierverlaten, Weiwerd, Kropswolde, Meeden, Veendam, Bargemeer, Emmen, Zeijeveen, Dedemsvaart, Vroomshoop, Veenoord, Klazienaveen, Hardenberg, Coevorden, Steenwijk, IJsselmuiden en Ommen Dante. Dit betekent dat aanvragen voor transportcapaciteit voor teruglevering op deze plaatsen beperkt kunnen worden aangeboden.

Voor 6 netdelen –  Hoogeveen, Beilen, Stadskanaal, Musselkanaal, Gasselte en Eemshaven Oost – is dus zelfs géén transportcapaciteit voor teruglevering meer beschikbaar. Dit betekent dat er géén aanvragen voor een grootverbruikaansluiting met transportcapaciteit voor teruglevering worden gehonoreerd.

Gezien de mogelijke volumes op basis van de verkenningen zullen volgens 2 partijen ook op andere locaties in het net knelpunten ontstaan, zowel in het net van TenneT (110 kilovolt) als dat van Enexis Netbeheer (20 en 10 kilovolt). Ook hier zullen TenneT en Enexis gezamenlijk werken aan ontsluitingsmogelijkheden. Er zijn meerdere hoog- en middenspanningsstations waar op termijn aanvullend transportcapaciteit beschikbaar komt. Zo bouwen TenneT en Enexis aan aanvullende transportcapaciteit op stations Eemshaven Midden, Weiwerd en Meeden.

Bron: Solar Magazine.nl

Daniels Smart Energy houd deze ontwikkelingen nauwlettend in de gaten. Momenteel zijn wij met zowel de netbeheerder als het RVO in gesprek om te onderzoeken hoe we de problematiek kunnen ondervangen en u (gebied specifiek) kunnen adviseren. Daarbij onderzoeken wij alle mogelijkheden en kijken wij naar eventuele locatie specifieke alternatieven. Mocht u met deze problematiek geconfronteerd worden of vragen hebben neem dan gerust contact op met een van onze medewerkers (of uw vaste contactpersoon).

Salderingsregeling voor zonnepanelen verlengd tot 2023, daarna stapsgewijze afbouw tot 2031

Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat meldde de Tweede Kamer afgelopen januari nog dat de salderingsregeling gehandhaafd zou blijven tot ten minste 1 januari 2021. Op die datum zou een nieuwe regeling – de terugleversubsidie– van start moeten gaan. Afgelopen januari meldde de minister echter dat diverse partijen hem hadden gewezen op substantiële bezwaren tegen de invoering van de terugleversubsidie.

Zo noemde Eneco de terugleversubsidie een administratieve draak en trok het energiebedrijf haar steun voor de terugleversubsidie in. Met de keuze van minister Wiebes om de salderingsregeling te handhaven, is de invoering van de terugleversubsidie definitief van de baan.

Stapsgewijze afbouw salderingsregeling

De stapsgewijze afbouw van de salderingsregeling zorgt ervoor dat zonnepaneeleigenaren vanaf 2023 de opgewekte zonnestroom die wordt teruggeleverd aan het elektriciteitsnet niet meer voor 100 procent mogen verrekenen met de aangekochte elektriciteit. Waar dit nu nog wel het geval is, wordt de vergoeding voor de teruggeleverde zonnestroom vanaf 2023 opgesplitst in een vergoeding voor de elektriciteit die betaald wordt door het energiebedrijf én anderzijds een vergoeding van de overheid voor de energiebelasting. De overheid  zal vanaf 2023 een steeds kleiner deel van de energiebelasting terugbetalen aan zonnepaneeleigenaren. De afbouw van de salderingsregeling geldt dus uitsluitend voor elektriciteit die aan het elektriciteitsnet wordt teruggeleverd en dus niet op het directe eigen verbruik achter de meter.

Minister Wiebes schrijft in zijn brief aan de Tweede Kamer hierover het volgende: ‘Vanaf 1 januari 2023 wordt de salderingsregeling stapsgewijs afgebouwd, waarbij de hoogte van het fiscale voordeel geleidelijk afneemt tot nul in 2031. … De verwachte kostprijsdalingen van zonnepanelen richting 2030 maken investeren in zonnepanelen ook zonder subsidie via de salderingsregeling voldoende financieel aantrekkelijk. Op de lange termijn zullen naar huidige verwachting de inkomsten uit de vermeden inkoop van elektriciteit door het direct eigen verbruik en de terugleververgoeding van de leverancier voldoende zijn om zonnepanelen voor kleinverbruikers rendabel te laten zijn.’

Belastingdienst krijgt belangrijke verantwoordelijkheid

Uit een eerste appreciatie van de Belastingdienst blijkt volgens minister Wiebes dat de afbouw van salderen waarschijnlijk uitvoerbaar is voor de Belastingdienst, mits alle kleinverbruikers beschikken over meters met een dubbel telwerk: één voor afname van elektriciteit van het elektriciteitsnet en één voor terugleveren op het elektriciteitsnet. ‘Voor het correct doen van aangifte voor de energiebelasting door energieleveranciers is het namelijk noodzakelijk dat zowel de levering als de teruglevering afzonderlijk bekend is bij de energieleverancier. Formele uitspraken over de uitvoerbaarheid door de Belastingdienst verlopen via een uitvoeringstoets. Dit traject vindt in beginsel plaats in de fase dat de wetgeving in concept gereed is en duurt 8 weken. De energieleveranciers hebben al aangegeven de afbouw van salderen goed te kunnen uitvoeren.’

De netbeheerders hebben daarnaast volgens de minister aangegeven dat het mogelijk is om voor 1 januari 2023 iedereen te voorzien van een geschikte meter. Op dat moment kan de afbouw van de salderingsregeling starten. Om te zorgen dat iedereen vanaf 2023 daadwerkelijk een geschikte meter heeft, wordt het vanaf 1 januari 2023 verplicht een meter met minimaal 2 aparte telwerken voor levering en teruglevering te hebben. Deze verplichting zal uiterlijk 1 januari 2021 in wetgeving worden opgenomen, zodat deze meters tijdig – uiterlijk 1 januari 2023 – uitgerold kunnen zijn.

Wiebes hierover: ‘Alle kleinverbruikers die nog geen meter met minimaal 2 aparte telwerken voor levering en teruglevering hebben, krijgen deze vóór 2023 aangeboden door de netbeheerder. Door geen slimme meter te vereisen, maar mensen ook de gelegenheid te bieden om een meter die niet op afstand uitgelezen wordt te nemen, wordt tegemoet gekomen aan hen die zich zorgen maken over de privacy-aspecten van een slimme meter.’

Afbouwpad eind 2019 bekend

De komende maanden zal het kabinet de vormgeving van de salderingsregeling vanaf 2023 verder uitwerken. ‘Het exacte afbouwpad zal eind 2019 worden vastgesteld, zodat ook de laatste inzichten uit de Klimaat- en Energie Verkenning 2019 (KEV 2019) kunnen worden meegenomen’, aldus minister Wiebes. ‘Het uitgangspunt is dat het afbouwpad resulteert in hetzelfde totale budget tot en met 2030 ten opzichte van het beschikbare budget voor de oorspronkelijk beoogde subsidieregeling uit het regeerakkoord. Over de gehele periode tot en met 2030 blijft dus hetzelfde budget voor de stimulering van hernieuwbare elektriciteit bij kleinverbruikers beschikbaar. Dit is in totaal circa 2,6 miljard euro.’

Voor huishoudens die al zonnepanelen hebben of deze kabinetsperiode nog investeren in zonnepanelen, is de verwachting dat bij de geleidelijke afbouw van de salderingsregeling een gemiddelde terugverdientijd van circa 7 jaar gehandhaafd blijft. ‘Deze verwachting is gebaseerd op de huidige inzichten, onder andere ten aanzien van de ontwikkeling van de elektriciteitsprijs’, schrijft minister Wiebes in zijn Kamerbrief. ‘Voor investeringen in zonnepanelen die na deze kabinetsperiode worden gedaan, is de verwachting op basis van de huidige inzichten, dat de terugverdientijd iets kan oplopen boven de 7 jaar. Uit de evaluatie van de salderingsregeling uit 2016 is onder andere gebleken dat men bereid is te investeren in zonnepanelen als de terugverdientijd tussen circa 5 en 9 jaar is. Bovenstaande verwachting wordt geactualiseerd met de laatste inzichten uit de Klimaat- en Energie Verkenning 2019 (KEV 2019).

Bron; RVO.nl

24 mei 2019

Bijna 750 jonge boeren doen subsidieaanvraag voor verduurzaming bedrijf

In totaal hebben 741 jonge boeren tijdens de vierde opstelling van de Jonge Landbouwers-regeling (JoLa) een subsidie aangevraagd om hun bedrijf te verduurzamen. Samen vroegen deze agrarisch ondernemers een bedrag van 12,9 miljoen euro aan.

Op dit moment is het beoordelingsproces van deze 741 aanvragen in volle gang. JoLa is een subsidieregeling die wordt gefinancierd door de Europese Unie en de Nederlandse provincies. De regeling wordt vervolgens uitgevoerd door de provincies. Boeren tot en met 40 jaar oud kunnen een beroep doen op deze regeling, die onderdeel is van het Plattelandsontwikkelingsprogramma (POP). Het geld dat wordt aangevraagd moet worden geïnvesteerd in verduurzaming van het bedrijf na de overname.

Record overschreden

De vierde openstelling heeft het aanvragenrecord ruim overschreden. Tijdens de openstelling eind 2017 werden 577 aanvragen gedaan (in totaal 9,9 miljoen euro). In het jaar 2016 werd de regeling twee maal opgesteld in maart en in december. Toen werden respectievelijk 422 (7,2 miljoen euro) en 250 (4,2 miljoen euro) subsidieaanvragen gedaan door jonge boeren.

Investeringen

Momenteel kent de JoLa  27 investeringscategorieën die bijdragen aan de verduurzaming van agrarische bedrijven. Deze lijst is in 2018 in samenspraak met het NAJK geactualiseerd om beter te voldoen aan de wensen van jonge boeren. Deze categorieën variëren van maatregelen om zelf energie op te wekken tot voorzieningen voor weidegang en precisielandbouw. De provincies stellen de regeling open in hun gebied en bepalen op basis van het provinciale beleid welke van de 27 categorieën in hun provincie voor subsidie in aanmerking komen.

Tijdens de openstelling in 2018 zijn de meeste aanvragen voor zonnepanelen gedaan. Daarna volgen aanvragen voor elektrische voertuigen en emissiearme stalvloeren.

Bron: Veldpost

15 mei 2018

In de jubilerende Boerenbox bij FC Groningen zijn ze van ‘doe normaal’

In de jubilerende Boerenbox bij FC Groningen zijn ze van ‘doe normaal’

Het bestuur van de succesvolle Boerenbox van FC Groningen, met van links naar rechts secretaris Bertil Westers, penningmeester Jos Hofsteenge, voorzitter Bas Schrage en de bestuursleden Rudy Daniels en Willem Buiter. Foto: DvhN

 

Wat past er nou beter bij FC Groningen als een Boerenbox. Dat dachten commercieel manager Geert Kuiper en voorzitter Bas Schrage van de businesslounge vijf jaar geleden ook. Sindsdien groeit de agrarische skybox tegen de klippen op. ,,Het is uniek in zijn soort.’’

Het is jammer dat wijlen Renze de Vries het niet meer mee heeft kunnen maken. Van boven zal de ‘zwieneboer’ van weleer, die als voorzitter FC Groningen in de jaren tachtig opstuwde in de vaart der volkeren, de oprichting met een goedkeurende blik hebben aanschouwd. Ongetwijfeld was hij bij leven en welzijn vaak te vinden geweest in de Boerenbox.

Pracht van een skybox onstaan op eerste verdieping

Begonnen in 2013 met één skybox heeft het onderkomen van de noordelijke agrariërs in het Noordlease Stadion inmiddels de oppervlakte van maar liefst vier sponsorruimten. De muren zijn er tussenuit gebroken, waarna in de stijl van een boerderij – inclusief gebinten – een pracht van een skybox is ontstaan op de eerste verdieping van de groene kathedraal. Fameus is het klompenrek, waarin ieder lid een eigen paar heeft staan. Met bedrijfslogo uiteraard.

,,We zitten inmiddels op 49 aangesloten bedrijven en zeventig stoelen’’, vertelt voorzitter Bas Schrage uit Zuidlaarderveen.

Agri-event

Na vijf jaar is de Boerenbox nog steeds booming. Reden voor een verjaardagsfeestje afgelopen zondag met een agri-event en een optreden van Mooi Wark. Het hoogtepunt was wel dat de Japanse ster Ritsu Doan, die amper Engels spreekt, laat staan Drents, het nummer In de blote kont op het podium mede ten gehore bracht.

,,Volgens mij is de Boerenbox en alles eromheen uniek in zijn soort’’, zegt FC Groningens commercieel directeur Robbert Klaver. ,,Ik denk dat er in Nederland, in Europa en zelfs in de hele wereld geen tweede van is. Ik kan me in ieder geval niet voorstellen dat dit ook gebeurt bij clubs als Barcelona, Real Madrid of Bayern München.’’

‘Wij zijn van doe normaal’

In Doetinchem heb je natuurlijk de Superboeren. ,,Maar onze geuzentitel is gewoon ‘Boeren’ en dat hoort ook bij ons. Wij vinden ons niet super, wij zijn van doe maar normaal. Dat past helemaal bij FC Groningen’’, meent technisch manager Ron Jans, ook te gast bij de viering van het vijfjarig bestaan. ,,Vroeger gingen we naar het Westen en werden we uitgescholden omdat we boeren waren, maar tegenwoordig moeten we er gewoon trots op zijn. Wat is er mooier dan zorgen dat de mensen te eten en te drinken hebben. Ik voerde hier een gesprek over de castratie van een ezel. Dan besef ik wel dat ik zelf niet geschikt ben voor het boerenleven, maar als bedrijfstak vind ik de primaire sector fantastisch. Ik woon in Tynaarlo. Daar ruikt het heel vaak naar mest en stront. Heerlijk vind ik dat.’’

Voorzichtig begin

Volgens Schrage, zelf eigenaar van een loonbedrijf, was er in het begin de nodige scepsis of de agrariërs in groten getale toe zouden stromen. Boeren hebben geen geld en als ze het wel hebben, geven ze het hier niet aan uit, zo klonk het. ,,We zijn heel voorzichtig begonnen’’, weet de voorzitter nog. ,,Ik zat altijd beneden in de Hattricks Club, de businessclub van FC Groningen, maar dat was me eigenlijk iets te massaal. Toen kwam commercieel manager Geert Kuiper met het idee om een skybox te beginnen, maar om daar nou in mijn eentje te gaan zitten. Toen heb ik een mailing uitgedaan onder relaties en klanten. Na een info-avond meldden zich tot onze verrassing twaalf bedrijven aan. Dat was het begin.’’

‘Ik voerde hier net een gesprek over de castratie van een ezel’

Vanuit de hele sector sloten zich meer leden aan. ,,Weet je wat het is, een boer praat hier met zijn bankman onder het genot van een potje bier en als FC Groningen scoort tegen Ajax vallen ze elkaar in de armen’’, verklaart Schrage het succes. ,,Dat geeft een heel andere sfeer dan dat je een thuisgesprek hebt over financiën met een man met een stropdas en een kop koffie.’’

Sfeer

Ook op bijeenkomsten van branche-organisaties tref je volgens Schrage nooit de sfeer die je vindt in de Boerenbox. ,,Daar komen alleen maar de agrariërs zelf en heb je het eigenlijk altijd maar over elkaars problemen en zaken. De goede of de slechte oogst, de ziekte in de aardappelen. Boeren vragen me wel eens, wat heb je nou aan zo’n box? Mijn melk gaat toch naar Friesland-Campina. Of mijn aardappels gaan toch naar de Avebe. Maar bij ons komen de bankman, de verzekeringsman en de boer rondom voetbal met elkaar in contact. Dat haalt letterlijk en figuurlijk de muren ertussenuit.’’

Identiteit bewaken

Waar het succes van de Boerenbox eindigt? Schrage heeft geen idee. Sinds de laatste uitbreiding is er nog wel enige ruimte voor nieuwe aanwas. ,,En wat ook wel belangrijk is, is dat we onze identiteit willen bewaken. Op een gegeven moment ontstond er echt een run. Iedereen vond het gezellig, wilde er wel bij horen. Maar de link met de agrarische sector moet duidelijk aanwezig zijn. Anders schiet het zijn doel voorbij. Straks zijn we gewoon een tweede businessclub. Dat willen we niet.’

20 nov 2017

Landbouwvakbeurs 2017

Landbouwvakbeurs 2017 – Wegens succes herhaald! Een beurs in een beurs.

Voor de tweede keer na de vele positieve reacties van de landbouwvakbeurs 2015 presenteren wij ons  opnieuw (met een nog steeds uniek concept) op één groot beursplein van 450 m²…  Van Tractorband tot het advies over duurzame installaties.., van juridische bijstand tot het transport van bieten…, van financiële expertise tot de aan- en verkoop van grond.. en van de nieuwbouw van stallen tot betrouwbare machines en bedrijfswagens… Allemaal de voor u zo belangrijke ondersteunende diensten en middelen verzameld onder een ‘dak’. Profiteer wederom van dit concept en onze samenwerking waarbij wij uitgaan van elkaars kracht en ons gezamenlijke doel… Een groot ondersteunend platform voor de agrarische sector.

U kunt ons van dinsdag 28 november t/m vrijdag 1 december bezoeken op de Landbouwvakbeurs in de TT Hall te Assen. Stand nummer 235.

De Boeren-Box is in 2017 inmiddels gegroeid naar 33 bedrijven en organisaties. Allemaal met een sterke link naar de agrarische sector en met in hun eigen vakgebied een grote hoeveelheid aan kennis en ervaring. Wat de leden van de Boeren-Box vooral kenmerkt is het willen winnen, de behoefte om kennis te delen, professionaliteit en klantgericht handelen. Door onze kennis en krachten te bundelen willen wij deze belangrijke en innovatieve sector, nog beter van dienst zijn en laten mee profiteren van ons gezamenlijke succes.

Voor meer informatie over de leden, de beurs en contact verwijzen wij u graag naar onze website http://boeren-box.nl/boeren-box-staat-jaar-weer-op-landbouw-vakbeurs-assen/

7 apr 2017

Update SDE+ voorjaar 2017

Update SDE+ voorjaar 2017

Van 7 tot en met 30 maart 2017 was de voorjaarsronde van de SDE+ regeling geopend. Gisteren zijn door het Rijksdienst voor Ondernemend Nederland de resultaten bekend gemaakt van de totaal aantal aanvragen en de aanvragen per ronde. Helaas geeft dat nog niet aan of uw aanvraag ook daadwerkelijk is beschikt, maar het geeft wel een goede indicatie van de kans op een beschikking.

Hoe was de regeling ook alweer? Kijk dan even hier voor de uitleg van de regeling.

De onderstaande tabel geeft inzicht in het totaal aantal aanvragen welke zijn verricht over de verschillende categorieën. Er is een totaal vermogen van 3.811 Mw aangevraagd. Het totaal aangevraagde vermogen is goed voor een aanvraagbedrag van 7,13 miljard euro subsidie. Er was in totaal voor de voorjaarsronde 6 miljard euro ter beschikking. Er is dus een overschrijving van ongeveer 19% van het budget. Ten opzichte van 2016 een kleine overschrijving (in de najaarsronde van 2016 was er nog een overschrijving van 130%).

De categorie Zon-PV was goed voor 96% van de aanvragen (4.484 van totaal 4.673 aanvragen). Saillant detail is dat 96% van de aanvragen goed zijn voor slechts 45% van het totaal aangevraagde subsidie bedrag (3,21 van totaal 7,132 miljard euro). Dat wil zeggen dat de overige 189 aanvragen goed zijn voor 55% van het subsidie budget. In onderstaande tabel kunt u zien in welke categorie de overige 189 aanvragen zijn gedaan, hoeveel subsidie hier is aangevraagd en hoeveel vermogen in Mw.

Wij hebben als extra kolom toegevoegd een rekenkolom waarin het aangevraagde budget per categorie wordt gedeeld door het aanvraagde vermogen. Zo krijgen we de gemiddelde subsidie bijdrage per categorie in € mln per mW in beeld.

Aanvragen per fase
De aanvragen zijn verdeeld over 3 fases waarin kon worden aangevraagd. Hieronder is inzichtelijk gemaakt welke aanvragen er zijn geweest per fase en welke aanslag dit heeft gehad op het subsidiebudget. Op basis van deze gegevens kan er voorzichtig geconcludeerd worden dat alle aanvragen in fase 1 en 2 (tot maximaal 11 eurocent) binnen het budget vallen. De subsidiepot is ergens overschreven in de derde fase (subsidieaanvraag 11,1 eurocent tot en met 13 eurocent). De komende periode zal het Rijksdienst voor ondernemend Nederland de subsidieaanvragen beoordelen op inhoud. Eind mei / begin juni zal er formeel worden gecommuniceerd over uw SDE+ aanvraag. Gezien het aantal aanvragen (1.678) van Zon-PV in fase 3 kunnen we ook voorzichtig concluderen dat ondanks het feit dat de subsidie per mW voor Zon-PV relatief laag is (een van de goedkoopste categorieën) niet alle aanvragen gehonoreerd zullen worden.

 

23 dec 2016

Update mestverbrander

Ontwikkelingen rondom de eerste Mestverbrander

De verbranding van pluimveemest op grote schaal is al jaren succesvol in Moerdijk. Sinds 2014 is het juridisch mogelijk kippenmest als reststof te verbranden op boerderijschaal. Daniels Smart Energy heeft daarvoor een oplossing ontwikkeld. Begin 2018 wordt de eerste pluimvee mestverbrander in gebruik genomen.

“De wervelbedverbranders die grote afvalverbranders gebruiken, zijn minder geschikt voor kleinschalige mest verbranding”, legt Rudy Daniels van adviesbureau Daniels Smart Energy uit. “De investering en de onderhoudskosten zijn te hoog.”

In samenwerking met een Duitse machinefabriek heeft Daniels Smart Energy een concept ontwikkeld om kleinschalige verbranding toch mogelijk te maken. De basis is een computergestuurde roterende verbrandingskamer met een keramische binnenkant. Het gepatenteerde concept zorgt voor zeer volledige verbranding van de kippenmest en een voldoende lange levensduur van de machine om rendabel te zijn.

Bij de verbranding komt genoeg warmte vrij om de stallen het gehele jaar door van warmte te voorzien en tevens de overtollige mest te drogen. Op deze manier is er geen gas meer nodig en zowel de resterende mest als de mineraalrijke as leveren geld op.

De provincie Drenthe heeft de ontwikkeling bij Ramon Harmes te Klazienaveen ondersteund met een Green Deal Subsidie.

Daniels Smart Energy en Ramon Harmes hebben in 2016 als eerste in Nederland een NVWA-erkenning om kippenmest op boerderijschaal te mogen verbranden.

Daniëls: “We zijn al vier jaar met deze ontwikkeling bezig en verwachten in het eerste kwartaal van 2018 de eerste installatie in productie te hebben. We hebben uitvoerige prestatie en emissies metingen gedaan met prima resultaten maar de praktijk zal uitwijzen of er niets over het hoofd gezien is. Daarna zijn we klaar voor de markt.”

Meer informatie kunt u vinden op onze pagina over mestverbranding.
of neem contact met ons op.